Een band met je baby
In de eerste periode na de geboorte is een baby gebaat bij de verzorging van minimaal één ouder (verzorger), die alle aandacht en tijd aan de baby kan besteden. Vaak is dat de moeder, maar dat kan natuurlijk ook de vader zijn. Wat ik aan tafel zie, is dat moeders het vaak heel lastig vinden om de baby alleen te moeten laten bij de andere ouder. Dat is niet zo gek, een moeder staat van nature op 1-0 voorsprong.
Uit onderzoek blijkt dat moederlijke sensitiviteit en veilige hechting sterker met elkaar verbonden zijn dan vaderlijke sensitiviteit en veilige hechting. Dat wil uiteraard niet zeggen dat vaders onmogelijk op 1-1 kunnen komen te staan; juist leert de hechtingstheorie dat het belangrijk is dat vaders de ruimte krijgen in het ontwikkelen van zijn rol als tweede hechtingsfiguur.
Samen met ouders op zoek naar maatwerk-afspraken
Ik bespreek met ouders, dat het heel belangrijk is dat de moeder veel en frequent tijd doorbrengt met de baby en emotioneel beschikbaar is, maar dat het voor een gezonde ontwikkeling van het kindje ook heel belangrijk is dat vader op regelmatige wijze aanwezig is in het leven van het kleintje, en hiermee de mogelijkheid krijgt om de band te bouwen en versterken. Als het niet goed zou gaan met moeder, als zij niet in staat zou zijn om het kindje voldoende tijd en aandacht te geven omdat er misschien oudere broertjes en zusjes zijn, dat het voor de baby misschien beter is dat vader de rol van primaire hechtingsfiguur op zich zal nemen.
Samen met ouders ga ik dan op zoek naar maatwerk-afspraken over de tijd en momenten die zowel vader als moeder met de pasgeborene doorbrengen.
Zorgschema’s
Met ouders maak ik dan vaak verschillende zorgschema’s voor verschillende fases. Je zou het opbouwschema’s kunnen noemen. We zoomen in op de eerste 18 maanden vanaf de geboorte, waarin het belangrijk is dat het kindje een stabiele verblijfs- en leefomgeving wordt geboden. De basis voor een zorg- en omgangsregeling wordt gevormd door het ritme van eten, slapen en wakker zijn van het kindje. Een belangrijk punt hierbij is borstvoeding. Als de moeder het kindje met de borst voedt, dan zal het zorgschema hierop afgestemd moeten worden.
Een zorg- en omgangsregeling moet kort, frequent en gebaseerd zijn op regelmaat en stabiliteit. Veelal komen ouders dan tot de conclusie dat dat het beste bij de moeder kan zijn, het kindje moet zich immers vertrouwd voelen in de ruimte waarin de contacten plaatsvinden. Ouders maken dan vervolgens afspraken over wanneer de vader in het huis van moeder aanwezig zal zijn om ook spelmomenten met het kindje te hebben, het kindje te voeden, in bad te doen of naar bed te brengen. Het is belangrijk dat dit op regelmatige basis gebeurt, met niet te weinig tijd daartussen. Zo leert de baby dat het veilig is met zowel vader als moeder.
In een tweede zorgschema, voor een latere leeftijd vanaf bijvoorbeeld 2 jaar, breiden ouders de contactmomenten uit en worden er ook vaak overnachtingen bij de uitwonende ouder in het zorgschema opgenomen. Zo wordt stap voor stap een zorgverdeling opgesteld die toewerkt naar een evenwichtige zorgstructuur waarbij het kindje de mogelijkheid heeft om met beide ouders een veilige en stevige band op te bouwen.
De oudere kinderen
Ouders vinden het vaak heel lastig als ik ze vraag hoe ze de zorg gaan verdelen vanaf het moment dat hun kind naar school gaat. ‘Dat zien we dan wel’ zeggen ze vaak. Het lijkt dan de ‘ver van mijn bed show’ als kersverse ouders bij mij aan tafel zitten.
Ik vertel ouders dan dat er voor hun kindje vanaf het 4e jaar een lange periode van regelmaat in een vast ritme zal zijn: ‘’opstaan, school, spelen, eten, slapen, opstaan’’ en dat het belangrijk is om nu juist voor die lange periode met elkaar een afspraak te maken, een basis, zodat voor die langere periode de blauwdruk er ligt en ouders niet opnieuw om de tafel hoeven. Een kindje kan dan ook in dat ritme gaan groeien en ouders weten allebei naar welke structurele omgangsregeling ze beiden toewerken. Ouders realiseren zich dan dat het inderdaad verstandig is om daarover nu al aan tafel de basis voor te bespreken.
Zo maak ik dus met ouders een duurzaam ouderschapsplan met opbouwschema’s en verschillende zorgstructuren, waarmee ze voor de kortere termijn, maar ook voor de lange termijn het optimale voor hun kindje doen en zelf ook rust en overzicht krijgen.
Tips
- Er is geen perfecte zorgverdeling. Alle zorgverdelingen kunnen werken of geen enkele zorgverdeling werkt. De cruciale factor bij het vaststellen van een zorgverdeling is de welwillendheid van ouders.
- Uitgangspunt voor de juiste zorgverdeling is rekening houden met de ontwikkelingsfase van jullie kindje. Welke behoeften heeft jullie baby/kind op dit moment, hoe zit dat straks, en hoe kunnen jullie hier samen in voorzien. Wie kan hierin wat beteken, en wat moeten jullie hier allebei in doen (en laten).
- Zie de andere ouder niet als ‘tegenpartij’; een partij die met zijn of haar aan- of afwezigheid ervoor zorgt dat jij als ouder niet de juiste ouder kan zijn voor je baby/kindje. Kijk naar de andere ouder vanuit het perspectief wat jullie kindje nodig heeft, van jullie allebei, om gezond op te groeien.
Wij helpen graag
Wil je scheidingsbemiddeling inzetten om de scheiding goed te regelen en soepel te laten verlopen? Wij beantwoorden graag je vragen en helpen je op weg. Neem vrijblijvend contact met ons op.
“Nog niet geboren en ouders besluiten uit elkaar te gaan”
Online keuzehulp
Weet je niet waar je moet beginnen? Beantwoord een aantal korte vragen. Je krijgt direct een indicatie van het traject en de bemiddelaar in jullie regio. Zonder gegevens achter te laten.
Wil je liever je vragen rechtstreeks met iemand bespreken?
Eerste gesprek is kosteloos & vrijblijvend.
